Een groot en fantastisch avontuur

Een groot en fantastisch avontuur

Hoe vaak heb ik mijn kinderen al niet uitgezwaaid, tijdens mijn veertigjarig vaderschap. Ontelbare keren. En altijd met een zwaar gemoed. Altijd met de tranen op z’n minst achter de ogen brandend, maar meestal toch gewoon over de wangen rollend. Dat begon al toen ik mijn dochter voor het eerst achterliet bij de kinderopvang en dat is nooit meer overgegaan. Wenend zag ik ze van het schoolplein vertrekken voor het jaarlijkse uitje naar de Efteling, met de bus, wenend stond ik op het perron de trein na te zwaaien waarmee ze op weg gingen voor de traditionele driedaagse schoolreis van de bovenbouw. Met brandende ogen gaf ik mijn dochter mee op vakantie aan haar moeder en de nieuwe vriend, met ingehouden tranen leverde ik mijn jongste zoon af bij de flixbus, met z’n rugzak, voor een hike in Frankrijk. Bedrukt zag ik mijn oudste in zijn auto stappen voor een skivakantie in Oostenrijk. Met een zwaar hart zwaaide ik vanachter het raam mijn dochter na die voor kamers in Utrecht ging hospiteren. Met een dikke keel liet ik ze in de loop der jaren alle drie achter in hun eerste eigen woning. Ontelbare keren. Afscheid groot en klein. Ik ben er nooit goed in geworden. Of misschien ben ik er wel altijd goed in geweest. Zo kun je het ook bekijken.
Dit weekend zwaaiden wij, schaamteloos huilend, onze jongste zoon en zijn vriendin uit. Zij vertrokken, in hun camper, voor een rondreis door Europa. Een rondreis van een jaar. Een plan dat ons al meer dan een jaar boven het hoofd hing. Een plan waarvan ik veiligheidshalve een tijdlang gedacht en misschien ook wel een beetje gehoopt heb dat het een wild plan was, dat ook altijd een plan zou blijven, maar waarvan ik, toen de camper eenmaal voor de deur stond, toch besefte dat ik er beter aan kon gaan wennen, aan het idee.
En nu zijn ze dus vertrokken. Voor een groot en fantastisch avontuur. Ze hadden een droom en die maken ze waar. Ik heb daar bewondering voor. Ik ben daar trots op. Ook als vader. Nu alleen maar hopen dat ik binnenkort aan het idee gewend ben.


Auteur: Jos van Venrooij

Schrijver, blogger, beeldend knutselaar, theatermaker