In de groei

In de groei

De vorige keer dat ik over mijn kastanjeboompje schreef, had ik 'm speciaal voor de gelegenheid opgemeten, met een rolmaat, en kwam hij op vijfenzestig centimeter. Dat was vlak voor de knoppen open gingen en het blad eruit barstte. En moet je 'm nu eens zien. In anderhalve maand tijd is ie bijna twee keer zo groot geworden. Kleine kinderen worden groot.

Tevredenheid kent geen tijd

Tevredenheid kent geen tijd

Deze doodskopzweefvlieg zit tevreden in zijn handjes te wrijven, op het blad van de Gunnera. En dat is natuurlijk fijn om te zien, wanneer je, zoals ik, probeert er een insectenvriendelijke tuin op na te houden. Hoe meer tevreden handenwrijvende insecten hoe beter. Doodskopzweefvlieg heet ie omdat in de tekening op het achterlijf iets van een doodskop valt te ontwaren. Dat kun je op deze foto dus niet zien, omdat ik zelf dan weer zo tevreden was over dat handen wrijven.

#3

#3

De foto die je wist dat zou komen. Sorry, voor deze slechte opening. Omdat ik ze zo mooi vind, heb ik alliums (allia? vraag ik mij serieus af, of heb ik dan toch helemaal voor niks drie jaar lang zes uur per week zitten lijden bij meneer Daniëls - ooooooh, jullie leren het nooit!), uienbloemen dus, heb ik zo hier en daar door de hele tuin verspreid gepoot. Knoflook reken ik mee. Heb ik ook overal en nergens neergezet, gewoon voor de bloem, die knollen mislukken toch altijd, die koop ik wel in de supermarkt. Dus ik heb de verschillende stadia op voorraad, zogezegd. En kijk nou toch eens wat een schoonheid. Ik word daar heel gelukkig van. Zonder overdrijven.

Deel twee

Deel twee

Ja, dat wordt een vervolgverhaal natuurlijk, dat kun je van tevoren aan zien komen. Maar is niet het hele leven een vervolgverhaal. Is het leven niet net een uienbloem. Een goed ingepakt bundeltje talenten en eigenschappen, die zich langzaam ontvouwen, ontplooien, ontwikkelen en kleur krijgen. Kleur geven aan het bestaan, het leven. De bloem die, eenmaal uitgepakt en tot wasdom gekomen, een tijdlang in volle bloei staat, in de spreekwoordelijke bloei van zijn leven, om uiteindelijk aan de weg terug te beginnen. Te verwelken, te verdrogen en te sterven. Maar zover zijn we gelukkig nog niet. Nee zeg..

Ingepakt

Ingepakt

Nog iets waar ik enthousiast van word. Alliums. Allia? Uienbollen dan maar. Is een genot om dat van dag tot dag te volgen. Pakken zichzelf langzaam uit, als een cadeautje. Zo'n cadeautje waar dan weer nieuwe cadeautjes in zitten, die steeds wat meer kleur krijgen en uiteindelijk als vuurwerk openspatten. Om het te vieren.

Lievelings

Lievelings

Mammoetblad, is de toepasselijke bijnaam voor de Gunnera. Toch wel één van de pronkstukken op de tuin, vind ik. En het is mijn tuin, dus ik mag het zelf weten. Ik houd van die grote, stevige, stekelige bladeren, die harde stengels en die vreemde prehistorische bloemkolven die zich altijd een beetje verscholen houden onder al dat blad. Ik schreef er al eerder een stukje over. Drie of vier jaar geleden kreeg ik een paar ruw uit de tuin van een buurvrouw gehakte stompen, ik stopte ze in de grond en gaf liefde, aandacht en water. Veel water. Het eerste jaar hield ie het nog bescheiden maar daarna werd ie ieder jaar weer hoger dan het vorige. En ieder jaar sta ik weer versteld van zoveel levenslust en groeikracht en vraag ik me weer af waar het in vredesnaam allemaal vandaan komt.

Hoog bezoek

Hoog bezoek

Al ben ik groot liefhebber van vogels, een groot vogelaar ben ik niet. Zeker op het gebied van hun geluid - en vogels kijken is voor 90% vogels horen, heb ik mij laten vertellen - ben ik zo goed als onwetend. Ik doe mijn best hoor, met de merlin bird app, maar het beklijft niet. Ene oor in, andere oor uit. De tjiftjaf is daar sinds kort een uitzondering op. Roept ook gewoon tjiftjaf natuurlijk, hoewel minder gearticuleerd dan ik het hier opschrijf, maar dat zal helpen. En nu ik het eenmaal hoor, snap ik niet dat ik het ooit niet gehoord heb, want ik hoor 'm de hele tijd en overal, overal bovenuit. Blijkt nu ook frequent bezoeker van de tuin te zijn, zag ik, want nu ik 'm hoor, zie ik 'm ook. Zit hoog boven in de wuivende wilg te tjiffen en te tjaffen en trekt zich van mij niet eens zo gek veel aan. Ik voel me vereerd.

De aanhouder

De aanhouder

Al ik weet niet hoe lang en hoe vaak heb ik het geprobeerd, met het Brandkruid. Niet alleen vanwege de grappige bloemen in etages, of het mooie, zachtgroene blad, maar ook om de vrolijke staketsels die ervan overblijven aan het eind van de herfst, de hele winter door. Feestelijke silhouetten. Zonde om weg te knippen aan het begin van weer de lente, zo leuk. Maar op een of andere manier wil het niet erg. Een paar blaadjes laag bij de grond kunnen er ieder jaar dan nog net vanaf, maar daar blijft het dan ook bij. Dit jaar, ik druk mij voor de zekerheid voorzichtig uit, dit jaar lijkt het dan, geloof ik, te gaan lukken.

Voor later

Voor later

Later, fantaseerden mijn vrouw en ik vroeger, toen we nog jong en mooi waren, later als we groot zijn, hebben we een huis met een tuin, en in die tuin een enorme rode beuk met een ronde bank om de stam. Om daar, nog altijd samen, bedaagd op een mooi en liefdevol leven terug te zien. Vanuit die gedachte heb ik een jaar of vier geleden dit rode beukje als zaailing uit een vakantiebos meegenomen. Of ie op tijd enorm zal zijn, staat te bezien, maar hij doet zijn best. Net als wij. En meer, dat weten we allemaal, kun je niet doen.