Toen ik mijn kunstzinnige tuinhuisje bouwde, het eerste jaar dat ik op de tuin zat, gebruikte ik daarvoor voornamelijk oud en gebruikt hout, overgebleven en op straat gevonden ramen en deuren en in de kringloop gekocht glas waar ik dan zelf weer kozijnen omheen knutselde. Zo gebruikte ik voor de openslaande raampjes aan de voorzijde van dat geperforeerde hout van een Lundia stellingkast. Zag er wel decoratief uit, vond ik.
Na een tijdje merkte ik op dat die gaatjes de belangstelling hadden van bijen. Rosse metselbijen, leerde ik later. Die leggen hun eitjes in dit soort gaatjes. Per eitje metselen ze een kamertje, met zand, en sluiten een klein voedselvoorraadje in voor wanneer de larf uit het ei kruipt. Zo maken ze meerdere kamertjes op een rijtje, in zo'n gaatje.
Het schijnt ook zo te zijn, ik meen dat ergens gelezen te hebben, dat ze het ook nog zo uitkienen dat in de kamertjes vooraan de mannetjes zitten, die als eerste uitkomen en aldus vrij baan maken voor de vrouwtjes, die wat later zijn en dus meteen na het uitkomen opgewacht worden door een wolk bronstige mannetjes.
Tja.
Maar goed.
Wat ik ook zag, na zo een tijdje observeren, was dat die Lundiagaatjes weliswaar veel belangstelling trokken, soms hingen er wel tien metselbijtjes rond bij die raampjes, maar dat er eigenlijk nooit één in gebruik werd genomen. Ze kropen erin, voor een korte inspectie, maar kwamen er ook altijd vrijwel meteen weer uit. Teleurgesteld, dat kon ik zien. De Lundiagaatjes waren niet diep genoeg, begreep ik, en ik bouwde een heel nieuw insectenhotel, met de juiste gaatjes en afmetingen, dat onmiddellijk na plaatsing enthousiast in gebruik werd genomen.
Toch bleven ieder voorjaar de metselbijtjes op die Lundiagaatjes afkomen, om ieder voorjaar weer teleurgesteld af te druipen. Ook nu weer. Ik kon dat opeens niet meer aanzien en besloot met een snelle actie een nieuw bijenhotel te knutselen, met gaatjes volgens de regelen der kunst, en dat aan de voorzijde van mijn huisje te hangen, als alternatief.
Dat deed ik gisteren. Het was lekker zonnig weer. Lente. Verwachtingsvol zat ik in mijn tuinstoel met een kopje thee. Maar ze lieten zich niet zien, de metselbijtjes. Nou ja, was ook te mooi geweest natuurlijk.