Een handjevol hoop

Een handjevol hoop

Met de appels en de peren, de bramen en de tomaten mag het een beetje gedaan zijn inmiddels, ook in de herfst valt er nog te oogsten. Zaad, namelijk. Ik vertelde al van mijn zinken emmertje vol openspringende lathyruspeulen, ook andere planten laten zich gemakkelijk van hun zaad beroven. Logisch natuurlijk, het is de hele reden van hun bestaan, het voortbestaan van de soort. Van de week scoorde ik een handjevol kaasjeskruid, ook wel malva geheten, en verspreidde dat door de tuin. Niet dat de plant dat zelf niet zou kunnen, maar het is toch leuk om het idee te hebben dat je de gang van zaken een beetje beïnvloedt. Nu is dus de hoop dat volgend jaar her en der het dankbaar kaasjeskruid staat te bloeien.

Vernuft

Vernuft

Het zou mij niet verbazen wanneer de Lathyrus een ver familielid is van de Balsemien. Of anders hebben ze dezelfde cursus gevolgd. In elk geval hebben ze zo ongeveer dezelfde methode om zich uitgebreid naar alle kanten uit te breiden. Met de jongens, toen die nog klein waren, en onlangs nog met de kleinkinderen, was het altijd feest wanneer we een berm vol Balsemienen tegen kwamen, langs ons pad. Wat een wonder dat zo'n peultje wanneer je hem maar even aanraakt openspringt, met een knappend geluidje, en zijn zaad alle kanten op in het rond schiet. Afvuurt. Je kreeg ze niet meer mee voor ze ze allemaal gehad hadden. De Lathyrus doet net zoiets. Als de peulen nog groen zijn, en een beetje op sperziebonen lijken, is er nog niks aan de hand. Maar zijn ze bruin en dor en hard geworden, dan knallen ze met een laatste krachtsinspanning open en slingeren hun zaden zo ver als ze kunnen. De natuur zit vol vernuft. Ik knip de bruine peulen af en verzamel ze in een zinken emmertje, waarin je de zaden soms tegen de wanden hoort tikken. Zo kan ik ook zelf bepalen waar ik volgend jaar de Lathyrus heb staan.

Handenvol kleine Kaardebolletjes

Handenvol kleine Kaardebolletjes

Man, wat houd ik van de Kaardebol. In zijn weerbarstige eenvoud en stekelige oerheid heeft ie wel wat weg van de Gunnera, ook al één van mijn favorieten op de tuin. Ik ben dus blij dat ik er nu drie van heb staan, in vol ornaat, en hoop dat daar straks de spreekwoordelijke Puttertjes in groten getale op af komen. Voor het volgend jaar - de Kaardebol is tweejarig (zie mij eens met vaktermen strooien) - had ik tijdens onze vorige zomervakantie een flinke zak vol van die prikkelige zaadbollen meegenomen uit Frankrijk. Barstensvol zaad, bleken die te zitten. Met kwistige hand zaaide ik het voor in leeggegeten kwarkbakjes. Heel even dreigde het niks te gaan worden maar dan opeens leek het of ieder zaadje een plant werd. Liefdevol verspeende ik handenvol kleine Kaardebolletjes. Die allemaal steeds groter werden en uit hun potje groeiden. Eindelijk succes! Kun je teveel Kaardebollen hebben? Nee natuurlijk. Toch heb ik er afgelopen weekend een stuk of wat weggegeven aan vrienden en zonen en dochters her en der. En nog heb ik er over.

Pluis

Pluis

Of je het nog strooiselroof moet noemen weet ik niet. Ik vind dan maar van niet. Langs het pad op het complex, in de gemeenschappelijke berm, aan de slootkant, stonden hier en daar wat bossen grote, paarse bloemen. Geen idee wat het was, maar ik vond ze mooi. Na de bloei werden dat vrij grote pluizenbollen, gelijk paardenbloemen, maar dan dus veel groter. Ik liep er een paar keer langs en zag het gebeuren. Niemand ontfermde zich erover. Die zaden zouden zich straks met de wind over het complex verspreiden. Het waren best veel bloemen. Met in iedere pluizenbol best veel zaden. Ik kon de verleiding niet langer weerstaan en besloot mijn bescheiden deel vast mee te nemen.

Dotter

Dotter

Sorry voor het cliché, maar jongens, wat is de natuur toch mooi. Kijk nou toch eens hoe fantastisch dit in elkaar steekt. Aan begin van het voorjaar werd ik al blij verrast door de Dotter, die onverwacht uit de grond kwam, waar ik 'm al was vergeten, en zeer uitbundig in bloei sprong. Toen werden na de bloei al die bloemen een soort exotische vruchtjes, als kleine bosjes pepertjes, als vrolijk stemmende sterretjes. En nu scheuren die groene tentakeltjes open en blijken ze boordevol zaadjes te zitten. Kijk eens hoe fraai dat ligt uitgestald. Betoverend. Het zijn dit soort kleine ontdekkingen die mijn dag optillen.

Plantage

Plantage

Mijn vrouw laat allerlei wortelschieten, in de vensterbank van het keukenraam, om het als kiemen door de salade te roeren. Superfood. Zo waren ook deze mungbonen bedoeld om taugé te worden. Ik zette er een paar in een bakje met grond, meer uit balorigheid dan wat anders, en nu heb ik opeens een mungbonenplantage.

In de week

In de week

Van mijn dochter kreeg ik vorig jaar een klein lathyrus plantje, dat in de loop van de zomer uitgroeide tot een flinke struik, waar na de bloei handenvol boontjes aan hingen te drogen. Die ik allemaal plukte zodra ze droog genoeg waren. In een boek las ik dat je de zaden het beste even kunt weken, voor je ze in het voorjaar hoopvol ter aarde bestelt, dus ik dacht: laat ik dat advies eens opvolgen. Nu is het afwachten of ik straks weer een plantje kan teruggeven aan mijn dochter. Of misschien wel meer dan één.