In september, aan het eind van de zomer, nam ik afscheid van de tjiftjaf die mij de hele zomer vrolijk tjiftjaffend gezelschap had gehouden. Als ik aankwam op de tuin zat hij me vaak al op te wachten, hoog in de perenboom van de buurvrouw, en door de dag heen hipte hij van de ene naar de andere boom in mijn paradijs. Het verbaasde me eigenlijk dat de tjiftjaf een trekvogel bleek te zijn. Zo'n klein vogeltje, helemaal naar Noord Afrika, maar zo was het. Vanmiddag, ik was eigenlijk al bijna onderweg naar huis na een fraaie en arbeidzame winterlentemiddag, hoorde ik hem weer. Tjiftjaftjiftjaftjiftjaf. Nog niet vanuit de perenboom van de buurvrouw, of vanuit mijn eigen wilg, een andere favoriete plek, maar hij is dus terug. Ik verwachtte hem pas half april, had ik uitgezocht, maar blijkbaar miste hij mij ook. Of het inderdaad dezelfde is zullen we nooit weten, maar daar ga ik, puur voor mijn eigen plezier, gewoon van uit.
Hij is terug