Falco tinnunculus

Falco tinnunculus

Hé, wat zit daar? Dacht ik vandaag op de tuin. Twee heggen verderop zag ik op de hoek van het tuinhuis een vogel zitten. Tenminste.. het was toch wel een vogel? Ja, het was een vogel, want het bewoog. Maar wat voor één, dat was nu de vraag. Ik had een donkerbruin vermoeden, maar dat durfde ik niet hardop te denken want het zou wel weer een houtduif zijn, zo rustig als ie bleef zitten. Zonder hoge verwachtingen pakte ik mijn kijkertje erbij, zette dat als gewoonlijk eerst verkeerd om voor de ogen, maar toen ik 'm dan eindelijk in beeld had, was het inderdaad het valkje uit mijn donkerbruine vermoeden. Door de verrekijker, met mijn telefoon, schutterde ik deze foto, die de app als torenvalk preciseerde.

Welkom

Welkom

Er wordt alweer heel wat afgezoemd op de tuin. Een heerlijk geluid. Grote hommels gaan zoekend rond, laag over de grond, misschien wel op zoek naar een goed plekje voor een nest, in mijn rommeltuin. Rommeltuin hommeltuin.

Uitgebloeid is ook mooi

Uitgebloeid is ook mooi

In de serie uitgebloeid is ook mooi vind ik wel het steeds moeilijker al dat uitgebloeide en afgestorven spul te laten staan. Zoals dan goed is voor de insecten en de dieren. In de winter is het mooi natuurlijk, die skeletten en silhouetten die in al hun kale doodsheid nog wat reliëf geven aan het landschap van de tuin. Maar nu alles groen begint te worden en vol belofte uit begint te lopen krijg ik toch sterk de neiging het allemaal af te knippen, en af te rekenen met de winter.

Toch zeven

Toch zeven

Elke keer dat ik op de tuin ben, werp ik een mismoedige blik op de vijver, waarin ik vorige week mijn doodgevroren kikkertje vond. Mismoedig tot gisteren, toen ik tot mijn grote vreugde maar liefst twee piepkleine kikkertjes rond zag scharrelen. Dus misschien waren het er toch zeven.

Geblokt

Geblokt

Zonder al teveel verwachtingen stopte ik wat bolletjes van de kievitsbloem in de grond. Daar zou ik wel nooit meer van wat horen, dacht ik eerlijk gezegd. Maar dit is nu al het derde voorjaar dat wordt aangekondigd door dit tere bloemetje dat gebogen en bibberend in de gure oostenwind mooi staat te zijn. Nu nog in de knop, straks in vol geblokt ornaat.

Tweede kans (iedereen verdient een)

Tweede kans (iedereen verdient een)

Dit sierappelboompje heeft een paar jaar in onze voortuin gestaan, waar mijn vrouw er ieder jaar harder op ging mopperen dat het een raar, scheef boompje was dat eigenlijk niet aan de verwachtingen voldeed. En, het moet gezegd, het was inderdaad een raar, scheefgegroeid boompje en de appeltjes die er tegen de winter aan kwamen werden door de vogels alleen in allerhoogste nood gegeten. Wel heb ik van die appeltjes een paar zaailingen weten op te kweken, die op mijn tuin nu al twee jaar staan te aarzelen of ze het leven bij de horens zullen vatten of niet. Toen afgelopen herfst mijn vrouw de geest kreeg en het boompje moest wijken voor iets anders, kreeg het asiel in mijn tuin, bij haar eigen nakomelingen. Veel wortel zat er niet aan dus het was afwachten of het wat werd. Misschien was het een goed voorteken dat de meegeëmigreerde appeltjes met een paar dagen verslonden waren, de vogels op de tuin zijn kennelijk een stuk minder kieskeurig dan hun stadse broeders en zusters, in elk geval, nu de zon er een paar dagen op staat begint het boompje uit te botten. Het blijft afwachten, want voor hetzelfde geld is het een laatste oprisping maar ik geef er de voorkeur aan te denken dat het pure dankbaarheid is.

Strooiselroof over de schutting

Strooiselroof over de schutting

Het leuke van een volkstuin is: je krijgt zo af en toe wat van je buren. Mijn vrouw spot wel eens dat als ik dan eens iets eetbaars meeneem van de tuin, ik het van de buren heb gekregen, uit medelijden. Meestal is dat ook zo trouwens, afgezien van het medelijden misschien. Maar er komen ook wel andere dingen over de schutting dan andermans oogstoverschotten. Deze bandwilg, bijvoorbeeld, kreeg ik van mijn buurvrouw. Ze had 'm ergens gestrooiselroofd, en omdat ik haar dat woord had geleerd, en omdat ze er zelf geen plek voor had, mocht ik 'm hebben. De winter is ie doorgekomen in de pot en nu staat ie pollen te maken. Binnenkort maar eens kijken of ik nog ergens een plekkie heb.